Digitale toegankelijkheid tot in de haarvaten van de organisatie

Binnen sommige organisaties is digitale toegankelijkheid net zo vanzelfsprekend als vergaderen en koffiedrinken. Zo ook bij het College voor de Rechten van de Mens. Liz van Velzen, communicatieadviseur bij het College, vertelt hoe het College ervoor zorgt dat digitale toegankelijkheid een uitgangspunt is bij alle communicatie.

Kantoorruimte in het pand van College van de rechten van de Mens

Het College voor de Rechten van de Mens

Sinds 2016 geldt in Nederland het VN-verdrag handicap. Het College voor de Rechten van de Mens is toezichthouder op dit verdrag en helpt de maatschappelijke positie van mensen met een beperking te verbeteren. Ieder mens heeft het recht om volwaardig mee te doen in de maatschappij. Dat betekent dat de fysieke en de online wereld voor iedereen toegankelijk moeten zijn. Zowel het verdrag van de Verenigde Naties als Nederlandse wetgeving beschermt het recht op toegankelijke informatie en diensten van de overheid. Maar met wetten en regels alleen ben je er nog niet. Die moeten ook worden toegepast.

Het College voor de Rechten van de Mens telt negen Collegeleden. Ook werken er zo’n 100 professionals. Die hebben diverse expertisegebieden en rollen. Zo zijn er programmamanagers, beleidsadviseurs, juristen, onderzoekers, communicatieadviseurs en financieel, ICT- en facilitair medewerkers. 

Digitale toegankelijkheid hoort er gewoon bij

Hoe breng je al die medewerkers met verschillende vakgebieden bij elkaar om toegankelijke digitale kanalen te realiseren en te behouden? Hoewel één medewerker zich vooral bezighoudt met de website, is er niet echt één ‘chef digitale toegankelijkheid’ binnen de organisatie, zegt Van Velzen. Het bewustzijn wordt juist breed binnen de organisatie gedragen. Door de taak als toezichthouder op het VN-verdrag handicap, is de organisatie goed doordrongen van de noodzaak en het nut van het toegankelijk maken van alle middelen. Digitale toegankelijkheid is daarmee de normaalste zaak van de wereld geworden.

Iedereen weet gewoon dat alles wat we maken digitaal toegankelijk moet zijn

Digitale toegankelijkheid is dus onderdeel van de organisatiecultuur. Daarnaast heeft het College maatregelen genomen om naleving van de toegankelijkheidseisen te bevorderen en makkelijker te maken. Zo maakt de website mensenrechten.nl gebruik van Platform Rijksoverheid Online (PRO). Deze gemeenschappelijke infrastructuur voldoet aan de technische toegankelijkheidseisen. Updates en verbeteringen worden beschikbaar gesteld aan alle PRO gebruikers.

In aanvulling op de techniek is toegankelijkheid vanaf de start onderdeel van het redactionele proces. Er is veel aandacht voor toegankelijk publiceren. Medewerkers maken bijvoorbeeld pdf's toegankelijk. Het College heeft daarvoor een handleiding gemaakt, die alle nieuwe collega’s kunnen bekijken. 

Verschillende publicatievormen

Als het nodig is, zorgt het College voor een alternatieve publicatievorm. Zo zorgt een communicatieadviseur voor een versie in eenvoudige taal van de monitor over het VN-verdrag handicap. Of een rapport wordt voorzien van een video in Nederlandse gebarentaal.

Sociale media

Op de website en op sociale media lukt het meestal goed om alles digitaal toegankelijk te maken. Van Velzen: “Een enkele keer sluipt er een foutje in en moeten we bijvoorbeeld een nieuwe collega vertellen dat ook #hashtags toegankelijk moeten zijn. Oplettende volgers wijzen de communicatieafdeling hier dan op, waarop we de uiting direct aanpassen.” 

Externe leveranciers

Het College heeft een vormgever die bestanden opmaakt volgens de standaard voor digitale toegankelijkheid (WCAG). Het voldoen aan deze eisen is een standaard voorwaarde die wordt gesteld aan nieuwe leveranciers.

Ervaringsdeskundigen

Testen en feedback zijn voor het College een belangrijke succesfactor voor een toegankelijke, gebruiksvriendelijke en begrijpelijke website. Bij een onafhankelijke audit worden gevonden knelpunten opgelost.

Daarnaast zijn ervaringsdeskundigen betrokken bij grote projecten zoals de monitor over het VN-verdrag handicap. Zo geven bijvoorbeeld mensen die laaggeletterd zijn aan of een eenvoudige versie van een rapport goed te begrijpen is. Ervaringsdeskundigheid is immers een belangrijke sleutel tot succes. Mensen met een beperking moeten betrokken worden bij het maken en uitvoeren van beleid. De medewerkers van het College brengen dit zoveel mogelijk zelf in de praktijk.